Ik ga op reis en neem niet mee…

    Eindelijk is het dan zover. We gaan verhuizen naar een nieuw pand. Met nieuwe vloerbedekking en strak geverfde wanden in frisse kleuren, smaakvol nieuw meubilair en supersnelle koffie automaten die de lekkerste caffè macchiato bereiden. Iedereen een nieuwe laptop of notebook of een zelf gekozen Bring-My-Own-Op-Kosten-Van-De-Baas. Alle vrijheid om te gaan zitten waar je wilt in, op, onder of aan de verschillende soorten werkplekken. Zoals daar zijn de open werkplek, de wissel werkplek, de taakgerichte werkplek, concentratie werkplek, in-alle-rust-kunnen-bellen werkplek, coupé werkplek, lounge werkplek, aanland werkplek, werk werkplek, open team werkplek, interactieve werkplek, scrum werkplek, de informele werkplek en de formele werkplek. Naast al deze plekken is er ook nog voldoende ruimte voor allerhande ruimten, waaronder de vergader ruimten, rook ruimten, project ruimten, service ruimten, klanten ontvangst ruimten, product demonstratie ruimten, video conferentie ruimten, archief ruimten, opleiding ruimten en de voor persoonlijke spulletjes gereserveerde plankruimten.

    Ik ga op weg naar Het Nieuwe Werken. Ik ga factor 0,713 flexwerken!

    Ik probeerde er nog aan te ontsnappen, aan dat Nieuwe Werken. Onder het mom van dat ik als Lijnmanager toch heel vaak persoonlijke en vertrouwelijke en niet-voor-vreemde-ogen-&-oren… Maar er was geen ontkomen aan. Voorbeeldgedrag! zei mijn Lijnmanager. Ook híj en zelfs de Allerhoogste Lijnmanager gingen flexen. Weliswaar kregen zíj een vaste flexwerkplek in een afzonderlijke eigen-divisie-directie-flexruimte waar niemand anders mocht flexen dan de directeuren en hun secretaresses, maar toch!

    Enigszins meewarig kijk ik rond in mijn kamer. Wat zal ik meenemen? Ik ben niet zo’n opruimerig typ. Mijn bureau ligt vol met vergeten to-do geeltjes, nog-te-lezen boeken, nog-niet-opgeborgen-opberg rapporten, allerhande om-nooit-te-vergeten gadgets van teambuilding-sessies en nieuwe-missie-&-visie-kick-off-mokken, én mijn persoonlijke Enneagram-MBTI-SpiralDynamics-kleurenschema-dobbelsteen. In de kast-met-rolluik-die-op-slot-kan-maar-waar-van-de-sleutel-al-lang-verdwenen-is nog veel meer paperassen, hang/lig/sta mappen, dossiers van reeds lang verdwenen medewerkers, ambitieuze-maar-bij-voorbaat-onhaalbare plannen van lang vervlogen jaren. Een lege fles reinigingsspray voor het whiteboard dat met per ongeluk gebruikte onuitwisbare flipover markerstift vol gekliederd staat met het een-na-laatste-organigram. Een met ouderwetse normale-niet-te-zuipen-koffie-overgoten niet-meer-te-gebruiken-maar-wat-moet-ik-er-dan-mee toetsenbord. Óp diezelfde kast de rest van die ooit eens moderne IT-hardware. Aan de ene muur hangt een van een leverancier gekregen kalender met grappige cartoons, jaargang 2010. Daaronder op posterformaat het op twee-na-laatste-organigram. Op de andere muur, naast het kleurrijke whiteboard, een paar foto’s van oude managementteam-afscheids-etentjes en een kinder-kras-tekening voor opa.

    Zo bezien heeft dat flexwerken toch wel grote voordelen. Eindelijk eens opgeruimd, de ballast van jaren rigoureus weg, een nieuw begin!

    Waarom dan toch zo droevig? Is het de weerstand tegen verandering die mij, ervaren Lijnmanager, met alle management theorieën als bagage, al zo vaak aan het front van de verandering gestaan hebbend, toch weer menselijk maakt?

    Werkt voor een ideaalHet is een gevoel van groot verlies dat mij overvalt. Niet om het kwijtraken van mijn  eigen vierkante meters, mijn op de juiste hoogte eigen bureau, de na jaren naar mijn persoonlijk zitvlak gevormde stoel. Maar om het verliezen van de “goede morgen” bij het uit de lift stappen op de derde, wetend dat Jaap in kamer 302 er zoals gewoonlijk voor zevenen is en een “mogge” terug bromt. En dat de lichten van het secretariaat nog niet aan zullen zijn maar de post en de map met te-tekenen wel al klaar liggen. Wetend dat het opstarten van mijn PC net zo lang duurt als de loop naar de koffieautomaat, keuze 1-3, in gedachten de komende dag doornemen, volle koffiebeker meepakken en teruglopen naar mijn kamer.

    De bijna dagelijkse vraag van een medewerker aan mij: “heb je een momentje voor mij?” Of van mij aan een medewerker: “heb je een momentje?” Benen op tafel, even uit de hectiek, bijpraten over privé. Én over die offerte, die boze klant, die alweer-de-derde-verstoring-deze-week, een stroef lopend project, ruzie in het team, de slechte maandcijfers en de zakelijke zorgen die niet iedereen hoeft te zien. Of een hand op een schouder. Een compliment. Of traan en troostend woord achter gesloten deur. En ook “Ik gooi je er nu uit want ik moet bellen”.

    De deur staat altijd open. Dát is wat niet mee gaat naar Het Nieuwe Werken.

    Welk een verlies.

    qr codeP.S.: maar ach, over een paar jaar weten nieuwe Lijnmanagers en nieuwe medewerkers niet beter dan dat zij dagen van te voren de informele-duo-lounge-coupé werkplek moeten reserveren voor een spontaan onderonsje.

    De deur staat altijd open? Een hand op de schouder? Waar hééft die man het over? Dat is écht zo ontzettend Het Oude Werken!

     

    Blog geschreven door de Lijnmanager, ook wel bekend als Luc Timmers.
    twitter @delijnmanager
     website www.delijnmanager.nl