Het fijne aan mijn nieuwe functie als onderzoeker bij de Universiteit Utrecht is dat ik tijd heb om full focus op de vraagstukken binnen mijn onderzoek te duiken. De afgelopen weken ben ik in de wereld van de platform coöperaties gedoken en heb ik veel geleerd over wat er nu wel en niet nieuw is aan deze ontwikkeling, wat de kritische succesfactoren zijn en wat de vragen voor de toekomst zijn. De puzzel is nog lang niet klaar, maar het is reuze fascinerend. Deze week was ook de laatste bijeenkomst van de ‘denktank shortstay verhuur’ van de Gemeente Amsterdam waar ik deel van uit maak. Mooi om te zien hoe de stad zich in een jaar tijd heeft ontwikkeld. Mijn belangrijkste les: leer alles over (de impact van) een ontwikkeling door zo vroeg als mogelijk in te stappen en mee te werken. Dat hebben ze daar erg goed gezien. En gedaan.

Ook deze week weer 5 mooie stukken, voorzien van mijn duiding en gedachten. Fijne week!


Platformeconomie top 5

Hong Kong taxis may join hands with Uber | Marketing Interactive

Waar platformen als Uber zich op dit moment nog richten op het rekruteren van individuele workers, is het zeker denkbaar dat dit in de toekomst gaat veranderen. Het richten op de individuele worker heeft als voordeel dat deze direct een flinke afhankelijkheid heeft en dus noodgedwongen ‘trouw’ zal blijven aan jouw platform, maar op het moment dat er meerdere platformen in één markt actief zijn, dan is het aannemelijk dat zij in elkaars vijver gaan vissen. Immers: het andere platform heeft dan al de investering gedaan in die worker voor eventuele checks en andere papieren. Die afhankelijkheid is dus (gelukkig) ook maar relatief. 

In dit stuk een taxi bedrijf uit Hong Kong over hun mogelijke samenwerking met Uber: “After all, the taxi industry may not have the technology platform like ours to provide tailor-made services. If we cooperate together, they can also make use of our backup customer service and even capitalise on our good image to regain consumer confidence as they are now having an image problem”. 

De marge op dit soort transacties zal lager zijn. De bestaande organisatie zal ook een deel van de taart willen én zal de collectieve rechten van de chauffeurs beschermen. Aan de andere kant is het voor een platform als Uber wel een stuk makkelijker om slechts met enkele partijen in een stad te hoeven communiceren. Zeker voor een platform met de groeiambities als Uber het overwegen waard. 

Daarnaast kan iedereen zich, zoals in de quote wordt gezegd, ook concentreren op hetgeen waar hij of zij goed in is. Taxibedrijven zijn goed in taxi’s organiseren, niet in marketing en technologie. En daar ligt juist de kracht van een technologiebedrijf als Uber. 

De platformeconomie kan (nog) zonder algoritmewaakhond – NRC

De laatste tijd zijn er veel discussies over het gebrek aan transparantie van de algoritmes van tech bedrijven. Moet daar geen ‘trusted 3rd party’ voor komen om de belangen van alle stakeholder te borgen?

In deze column geeft Anna Gerbrandy een prettige duiding in deze discussie. 

De crowd houdt crowdfunding platformen scherp in de gaten | Crowdfundmarkt

In crowdfunding land wordt nu gesproken over exit strategieën van crowdfunding platformen. Op het moment dat het platform stopt (bewuste keuze of faillissement), moeten de zekerheden en belangen van de gebruikers die afhankelijk zijn van het platform (de investeerders die lopende leningen hebben via het platform) geborgd zijn. Veelal via een aparte BV of stichting. Deze kosten worden betaald vanuit een beheervergoeding. Het platform moet dit dan actief in de communicatie meenemen.

Een interessante gedachte mochten (klus) platformen infrastructurele taken van de overheid gaan overnemen om deze exit strategie ook in de discussie mee te nemen. De impact van een platform dat opeens weg gaat is groot. Zie de discussies in Londen (Uber is verboden en als zij hun zaak verliezen moeten zij uit Londen vertrekken), Denemarken (Uber verliet Denemarken na nieuwe wetgeving waar ze het niet mee eens waren) en Austin (zelfde situatie als Denemarken).

Bij crowdfunding gaan de voorwaarden (logischerwijs) ver. Er is immers nog een verplichte en dus ook noodzakelijke administratieve afwikkeling die nog tot 4 jaar door kan lopen. Maar ook bij deel- en klusplatformen zou er een clausule kunnen worden opgenomen dat na het stoppen de data wordt teruggegeven aan de gebruikers, de software open source voortleeft en de contacten database van de gebruikers voor de desbetreffende gebruiker wordt opengesteld.

Voordeel voor de gebruiker is dat je zeker weet dat ook als het platform stopt, je niet in één keer alles wat je hebt opgebouwd kwijt bent. Maar ook voor platformen die starten kan dit een positief effect hebben. In de nieuwsbrief van Erwin Blom kwam de volgende discussie naar voren naar aanleiding van het stoppen van Storify: 

“Diensten komen en gaan natuurlijk. Als gebruiker ben je er aan overgeleverd. Door jou ben ik kort geleden met Vimsy aan het experimenteren. Wel twijfel ik nu om daar veel energie in te stoppen. Komt de volgende vraag in mij op;

Zal de uitfasering van ‘oudere’ diensten nieuwe diensten in de weg gaan zitten?

Vimsy en andere diensten, kunnen geen uitspraken doen over hoe lang ze de diensten actief houden. Hoe bepaal je als gebruiker hoeveel tijd je in die dienst zal investeren als de levensduur niet ingeschat kan worden.”

Op het moment dat je bij de start al een exit strategie hebt bedacht én deze communiceert, dan kan dit ook de gebruikers over de streep halen om zich bij jouw platform aan het sluiten en hun tijd te investeren in het maken van een profiel, opbouwen klantenlijst, etc. Omdat deze dan is verzekerd dat in het geval het platform de stekker er uit haalt, al deze inspanningen niet voor niet geweest zijn. 

Het enige voorbeeld dat ik ken die hier rekening mee houdt is online reputatie systeem Traity. Ik interviewde de founder in Madrid. Zij waren bezig om alle data in de blockchain te zetten. Op het moment dat het platform omvalt zorgt dit er niet voor dat iedereen zijn data kwijt is….

Moving to a Local Selling Model | Facebook Newsroom

Belasting innen in het land waar de waarde wordt gecreëerd. Een discussie die enkele maanden geleden na een top in Estland in meerdere Europese landen werd gevoerd. 

Nu.nl berichtte er hier afgelopen week als volgt over: 

“Facebook gaat voortaan lokaal belasting betalen in landen waar inkomsten worden behaald, in plaats van het doorsluizen van geld naar het internationale hoofdkantoor in Ierland.

De belastingen zullen worden betaald in de landen waar Facebook een kantoor heeft, meldt het bedrijf dinsdag.

Facebook spreekt van een ‘lokale verkoopstructuur’ waarbij verkochte advertenties de boeken in gaan als inkomsten in het betreffende land en dus belast kunnen worden.”

Een slimme zet om de druk in de talloze discussies te verlichten. En een goede zaak dat een organisatie als Facebook dit proactief aanpakt. 

Ik ben geen fiscalist, maar mijn gezonde verstand heeft nog wel een paar vragen over deze constructie. Ik vermoed dat deze stap vooral een positief effect zal hebben over de afdracht van BTW in het land waar de advertentie wordt verkocht. De Zembla uitzending over Uber bracht een constructie aan het licht waarbij de factuur van Uber vanuit een BV buiten Nederland kwam, waardoor er geen BTW af hoefde worden gedragen. Dit zal met de nieuwe constructie verleden tijd zijn. 

De grote ‘maar’ zit er vermoed ik bij de winstbelasting. Want een land kan dan wel winst maken, maar er worden ook kosten vanuit de holding doorberekend. Ontwikkelingskosten, marketingkosten en ga zo maar door. Daarnaast ook een bedrag voor het gebruik van het merk en de ‘intellectual property’. En op die manier kan relatief eenvoudig de winst tot een (onder) nulpunt worden teruggebracht, waardoor er geen winstbelasting hoeft te worden betaald. 

Nog niet té vroeg juichen dus….

Decentrale Autonome Organisaties – Crowd runt bedrijf zonder CEO | Revue

Een reuze interessante ontwikkeling: de Decentrale Autonome Organisatie. Voor het eerst gehoord uit de mond van Ronald van den Hoff van Seats2Meet en nu ook in de nieuwsbrief (aanrader!) van co-auteur Ronald Kleverlaan. 

Waar op dit moment nog veelal met een traditionele bril wordt gekeken naar decentrale eigenaarschapsmodellen via bijvoorbeeld platform coöperaties, is er technologie op komst die dit soort modellen een hele andere dynamiek zullen geven. Een van de eerste, maar helaas niet succesvolle, voorbeelden is de DOA variant van Uber: La’Zooz. Ik interviewde de oprichters 2 jaar en 1 jaar geleden (videos).  

Contact

Inspiratie opgedaan en advies of duiding nodig over de platformeconomie of op zoek naar een spreker?

Neem gerust contact op via een reply op deze nieuwsbrief, via mail (martijn@deeleconomieinnederland.nl) of telefoon (06-50244596).