Een land besturen als een tech startup: Estland

Agile processen, een MVP (Minimal Viable Product) en projecten waar niet duidelijk is wat de uitkomsten zullen zijn. Dit zijn onderwerpen die ik regelmatig voorbij hoor komen in gesprekken met een startups. Vandaag kwamen deze woorden naar voren in een gesprek met twee regeringsambtenaren. En het blijft niet alleen bij woorden. In 1997 is 97% van de scholen online. Sinds 2000 zijn vergaderingen in de regering papierloos. In 2002 bouwde deze overheid een gratis WiFi netwerk dat de bewoonde gebieden grotendeels dekt en in 2007 introduceren zij e-voting. Je hebt intussen wel door dat dit niet gaat over Nederland: het land waar de kosten van ICT projecten vanuit de overheid gemiddeld tien keer over de kop gaan. Om uiteindelijk het niet werkende product in de ijskast te parkeren. Nee, ik heb het over Estland: een klein land met 1,3 miljoen inwoners dat op zoek was naar hun eigen USP als land. En die heeft gevonden: ICT. 


In Tallinn sprak ik eerst met Kaspar Korjus, projectleider van het e-residence project. Een project waar iedereen ter wereld digitaal inwoner van Estland kan worden. En vervolgens gebruik kan maken van de technologische infrastructuur om zaken te doen. Het doel is om in 2025 10 miljoen e-burgers te hebben aangesloten. Ben Hammersley omschreef de potentie van dit project pakkend in dit artikel in Wired: “In other words, a nation is now competing with its neighbours on the basis of the quality of its user interface. Just as you might switch your bank to one with a better mobile app, the Estonians hope you’ll switch your business to a country with an infrastructure that is easier to use.” Ons interview is terug te zien in onderstaande video, of te beluisteren als podcast.


Mijn tweede gesprek is met Siim Sikkut
Digital Policy Adviser voor de regering van het land. Siim houdt zich onder andere bezig om de digitale ambities van het land te coördineren tussen alle departementen van de overheid. Zo hebben burgers met behulp van hun digitale kaart – de e-residence kaart is een systeem waar de lokale bevolking al jaren mee werkt – toegang tot al hun data rondom medische dossiers, overheidszaken, opleidingen, etc. De inwoner bepaald zelf wie toegang heeft tot welke data en kan inzien wie welke data heeft ingezien. Het interview is terug te kijken in de onderstaande video of te beluisteren als podcast


Voorlopige conclusies
Wanneer je de twee bovenstaande video’s hebt bekeken en het stuk in Wired hebt gelezen zul je inzien dat het niet alleen heel bijzonder is wat dit land voor elkaar krijgt, maar ook wat de potentie van deze ontwikkelingen zijn.

Zittend op de bank van mijn Airbnb host in Helsinki (morgen bezoek ik hier een congres) dacht ik na over de vraag: wáárom zijn zij zo succesvol. Dit is wat ik er van maak (en voel je vrij om in de comments aan te vullen):

  1. De leiders van het land (die overigens relatief jong zijn: allen rond de 35) zagen in dat het land een duidelijke onderscheidende identiteit moest hebben om zich als kleine speler te kunnen onderscheiden van de grote jongens. De keuze voor tech is goed uitgepakt. Dit werkt niet alleen extern door, maar ook intern: de internationale aandacht voor de projecten in Estonia maakt de burger een trotse burger.
  2. Het land heeft de unieke kans gekregen om bij de verzelfstandiging van scratch af aan te kunnen beginnen. Geen historie met archiefkasten, databases, etc.
  3. De regering neemt continu het voortouw in ontwikkelingen rondom ICT. Zij bouwen het platform en infrastructuur waarop anderen (zowel overheid als bedrijfsleven) op in kan haken. Dus niet achter de ontwikkelingen aanlopen, maar de leiding nemen en focussen op het bieden van toegevoegde waarde en oplossingen.
  4. De nadruk ligt niet bij processen en ICT, maar bij oplossingen. Alleen op die manier kan voldoende draagvlak worden gecreëerd. 
  5. Bij het opbouwen van het land konden zij zich simpelweg niet de luxe permitteren om alle wensen die zij hadden op de oude manier uit te voeren: dat zou onbetaalbaar zijn. Dus om het ambitieniveau te bereiken was digitaal en automatiseren de enige oplossing.
  6. De ruimte die de projecten vanuit e-Estonia krijgen is heel bijzonder. Ook de manier van communiceren. Fouten maken mag écht en er wordt enorm lean gewerkt. Die snelheid, daar kan menig overheidsapparaat (die naam zegt al genoeg) een hoop van leren.

Waar zie ik de grootste kansen:

  1. Het is duidelijk nu we steeds meer online transacties doen dat een digitaal paspoort een must gaat worden. Nu gebruiken veel mensen, ik ook, Facebook als digitaal paspoort om jezelf te identificeren bij het openen van nieuwe accounts op internet. Gewoon omdat we gaan voor gemak. Maar of Facebook hiervoor de juiste keuze is… Nee. 
  2. De manier waarop Estland een systeem heeft ontwikkeld waar alle overheidszaken en werk gerelateerde zaken op kunnen worden geregeld is simpelweg briljant. Dat is een waarde die zij opbouwen, zowel aan software als aan expertise, war uiteindelijk een belangrijk exportproduct zou kunnen worden. 
  3. Dit systeem kan er voor zorgen dat we, bijvoorbeeld in Europa, nu echt laagdrempelig grensoverschrijdend kunnen gaan werken. Waar internet de grenzen voor communicatie weghaalt, kan de ervaring van Estland de grenzen voor samenwerken en bedrijven bouwen weghalen.

Tot zover het verslag van de eerste dag van de Finland/Estland expeditie. Morgen weer een update.

Op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen? Check de Crowd Expedition website of abonneer je op ons YouTube kanaal.

Translate »